Temp.: 15 °C Windrichting: 48 °
Windkracht:
Molens met productie: 17
Huidige parkproductie 4370kW
Totaal 2014: 31971 MWh









Financieel



Kosten

De kosten van een windturbine zijn zeer afhankelijk van het formaat, het merk en de locatie waar de molen gebouwd moet worden. Om toch een richtlijn te geven volgt hier een min of meer standaard rekenvoorbeeld:

Turbine 70 meter diameter, 1.800 kW:
- 64 meter mast: € 1.595.000
- Meerkosten 85 meter mast: € 115.000 (€ 5.500 per meter)
- Meerkosten 97 meter mast: € 150.000 (€ 10.000 per meter)*

Naast de directe kosten voor de turbine zijn er vaste bijkomende kosten. Zo moet er een weg naar de molens worden aangelegd voor de bouw en het latere onderhoud van de molens. Er moet bekabeling komen voor de afvoer van de energie naar een onderstation zodat die het net op kan. Er moet een telefoonlijn worden aangelegd voor de aansturing van de molens op afstand.

Gemiddeld gaan windturbines twintig jaar mee. Ze hebben een gemiddelde technische bedrijfszekerheid van 98 procent. Dit staat dus los van de windzekerheid.


* Bron: Wind Service Holland. Genoemde prijzen kunnen sterk fluctueren als gevolg van diverse factoren.


Overheidsbijdrage


Windenergie staat in vergelijking met het opwekken van conventionele energie nog in de kinderschoenen. Er is nog een lange weg van onderzoek en technische ontwikkeling te gaan. Daarom is windenergie nu nog duurder om op te wekken.

De overheid is de afgelopen tijd wisselvallig gebleken in haar bijdragen. Toch wordt ook aan onderzoek naar energie uit fossiele brandstoffen veel overheidsgeld besteed. Daarom zou het zinvol zijn als ook een bijdrage geleverd zou worden om de ontwikkeling en innovatie van windenergie te stimuleren. Daarnaast kan een ecotax op fossiele brandstoffen worden ingevoerd of een financiële tegemoetkoming voor burgers die groene stroom gebruiken.

Overigens zullen de ontwikkelingen op lange termijn windenergie vanzelf goedkoper maken dan energie uit fossiele brandstoffen. Olie en gas worden schaarser en het zal steeds kostbaarder worden om deze op moeilijk bereikbare plekken uit de grond te halen. Men verwacht dat de prijs van conventionele energie binnen 6 tot 12 jaar de prijs van windenergie zal evenaren.


Stimulering Duurzame Energieproductie


Windenergie is momenteel één van de meest rendabele vormen van duurzame energiewinning. In ons land is inmiddels ruim 1.700 MW aan windprojecten gerealiseerd. SDE wil de verdere ontwikkeling stimuleren door exploitanten langdurige zekerheid te geven over de opbrengst van nieuwe windturbine(s). Daartoe is een systeem opgezet dat de 'onrendabele top' van projecten subsidieert, dat wil zeggen het verschil tussen de kostprijs en de opbrengst van een project. Dit gebeurt voor een periode van vijftien jaar. De SDE-subsidie voor 2008 is bedoeld voor 'Wind op land', aangezien hiervoor reeds veel plannen bestaan die op korte termijn kunnen worden gerealiseerd.


Subsidie 'Wind op land'


SDE 'Wind op land' geeft subsidie bovenop de netto-prijsopbrengst van nieuwe windprojecten, tot het niveau waarop deze rendabel kunnen worden. De netto-prijsopbrengst is het bedrag dat een exploitant ontvangt uit de verkoop van de geproduceerde elektriciteit per MWh, minus de zogeheten kosten van onbalans. Voor 'Wind op land' versterkt SDE subsidie voor een periode van vijftien jaar. Omdat elektriciteitsprijzen van jaar tot jaar verschillen, zal de hoogte van de subsidie ook steeds variëren. De hoogte van de SDE-subsidie voor 'Wind op land' is gebaseerd op een gemiddelde productie van 2.200 vollasturen per jaar. Echter, de wind waait niet altijd en overal even hard. Windturbines produceren daardoor niet altijd die 2.200 vollasturen per jaar, waardoor exploitanten niet altijd de maximaal beschikbare subsidie zouden krijgen. Om dit probleem op te lossen, is een nieuwe grondslag vastgesteld: de maximale subsidie wordt nu al uitgekeerd bij 80 procent van 2.200 vollasturen = 1.760 vollasturen per jaar (oftewel 2.200 : 1,25). Om het totale subsidiebedrag gelijk te houden, is de subsidie per geproduceerde MWh met een zelfde factor (1,25) verhoogd. Logischerwijs moet deze factor ook worden toegepast op andere bedragen die van belang zijn voor het bepalen van de subsidiehoogte. De geschetste nieuwe grondslag maakt de SDEregeling voor 'Wind op land' weliswaar extra ingewikkeld, maar biedt exploitanten wel zekerheid. Voor het bepalen van de subsidiehoogte in een jaar zijn de volgende getallen van belang:


1 Het Basisbedrag: de opbrengst per MWh die een project rendabel kan maken bij een productie van 2.200 vollasturen, vermenigvuldigd met 1,25.


2 Het Correctiebedrag: de netto-prijsopbrengst van de geproduceerde duurzame elektriciteit per MWh, vermenigvuldigd met 1,25. Het correctiebedrag wordt aan het begin van elk jaar geraamd en aan het einde van het jaar definitief vastgesteld.


3 De Basiselektriciteitsprijs: de minimaal te behalen netto-prijsopbrengst per MWh, vermenigvuldigd met 1,25. De Basiselektriciteitsprijs is langjarig vastgelegd op 50 euro per MWh. De hoogte van de SDE-subsidie in een bepaald jaaris het verschil tussen het Basisbedrag en het Correctiebedrag. De Basiselektriciteitsprijs vormt de ondergrens voor het Correctiebedrag; het Correctiebedrag zal hier dus nooit onder komen. Voor 2008 is vastgesteld dat 'Wind op land'-projecten rendabel kunnen worden met een opbrengst van 88 per MWh (8,8 cent per kWh), bij een productie van 2.200 vollasturen. Dit brengt het Basisbedrag op 88 x 1,25 = 110 per MWh. De netto-prijsopbrengst van elektriciteit uit windenergie is aan het begin van 2008 geraamd op 52 per MWh. Daarmee komt het Correctiebedrag vooralsnog uit op 52 x 1,25 = >€ 65 per MWh. De voorlopige hoogte van de SDE-subsidie voor2008 is nu 110 - 65 = 45 per MWh (over maximaal 1.760 MWh per jaar). Indien het geraamde Correctiebedrag uiteindelijk hoger of lager uitvalt wordt de 45 subsidie per MWh aan het einde van het jaar nog aangepast.


 


Subsidieverstrekking


SenterNovem keert de SDE-subsidie uit in de vorm van maandelijkse voorschotten. De hoogte hiervan wordt bepaald op basis van het geraamde Correctiebedrag x 80 procent. Een exploitant krijgt dus niet het hele te verwachten subsidiebedrag als voorschot, om te voorkomen dat hij achteraf grote bedragen moeten terugbetalen (als de elektriciteitsprijs sterk stijgt). Aan het einde van het jaar maakt SenterNovem een eindafrekening, mede op basis van het definitieve Correctiebedrag.


 


Subsidiebudget 2009


Het totale SDE-budget voor 'Wind op land' 2009 is 1512 miljoen euro. Dit is voldoende voor honorering van circa 830 MW aan projecten.


 


Bron: SenterNovem


Opbrengsten


De opbrengst van een molen is vanzelfsprekend afhankelijk van de hoeveelheid wind, de grootte en de positie. Om te voorkomen dat windturbines elkaar de wind uit de wieken nemen, dienen ze op een bepaalde minimale afstand van elkaar geplaatst te worden. Bij Windpark Kubbeweg staan de turbines 360 meter uit elkaar. Deze afstand is afhankelijk van de oriëntatie van de lijnopstelling ten opzichte van de hoofdwindrichting.

Dit verdient nadere uitleg: achter iedere molen ontstaat een onzichtbaar 'zog' van turbulentie Als de molens te dicht bij elkaar staan en de windrichting is evenwijdig aan de lijnopstelling dan komen ze in elkaars zog te staan. De turbulentie geeft een extra belasting voor de molen en om dit effect te verkleinen worden ze op een bepaalde afstand van elkaar gezet. Meestal 5 tot zeven keer de rotordiameter. De lijnopstellingen van Windpark Kubbeweg lopen van noordwest naar zuidoost en staan dus gunstig ten opzichte van de hoofdwindrichting zuid west in Nederland. Het zal hierdoor relatief weinig voorkomen dat de molens last van elkaar hebben en dus kunnen ze wat dichter bij elkaar staan.

Wind Service Holland (WSH) onderzoekt het windaanbod en de energieproductie van windturbines. Deze organisatie maakt prognoses voor de gemiddelde jaarproductie van een turbine met behulp van de windex.

De windex geeft per maand aan hoe groot de energie-inhoud van de wind was ten opzichte van een langjarig gemiddelde maand. Deze gemiddelde maand is het totale windaanbod in een jaar met gemiddeld windaanbod, gedeeld door 12. Als de windex 100 procent is, dan heeft de turbine in die maand een twaalfde van de langjarig gemiddelde jaarproductie geleverd. De som van de windexen in een gemiddeld windjaar is dus 1200.

In formulevorm:
Gemiddelde jaarproductie =
(som maandproducties) / (som windexen) x 1.200

Donderdag 24 April 2014